Thuisbatterij kost 210 tot 750 euro per kWh: wanneer verdien je hem terug?
Een thuisbatterij met stekker kost in september 2026 tussen de 210 en 440 euro per kilowattuur (kWh) opslag. Een vast geïnstalleerd systeem kost 550 tot 750 euro per kWh. Dat blijkt uit een vergelijking van actuele prijzen van fabrikanten en cijfers van consumentenorganisaties. Of je dat bedrag terugverdient, hangt vooral af van drie dingen: de prijs per kWh, hoe vaak de batterij per jaar echt vol en leeg raakt, en hoeveel stroom verloren gaat bij het laden en ontladen.
De vraag speelt bij veel huishoudens met zonnepanelen. De salderingsregeling stopt op 1 januari 2027. Vanaf dat moment betaal je de volle prijs voor stroom van het net en krijg je voor teruggeleverde stroom alleen een vergoeding van je leverancier.
Wat kost een thuisbatterij nu?
De prijzen hieronder zijn op 18 september 2026 overgenomen van de websites van de fabrikant of een Nederlandse webwinkel. Het gaat om prijzen inclusief btw en zonder installatie. Acties wisselen per week.
| Model | Type | Opgegeven capaciteit | Prijs | Prijs per kWh |
|---|---|---|---|---|
| Zendure SolarFlow 2400 AC | Stekker | 5,76 kWh | € 1.209 (actieprijs) | € 210 |
| Marstek Venus E 3.0 | Stekker | 5,12 kWh | vanaf € 1.225 | € 239 |
| HomeWizard Plug-In Battery | Stekker | 2,7 kWh | € 1.195 | € 443 |
| Sessy 10 kWh | Vast | 10 kWh | € 5.500 (adviesprijs) | € 550 |
| Sessy 5 kWh | Vast | 5 kWh | € 3.550 (adviesprijs) | € 710 |
Consumentenorganisaties noemen vergelijkbare bedragen voor vaste systemen. Een gemiddeld systeem kost 4.000 tot 6.000 euro, inclusief installatie en btw. Vereniging Eigen Huis noemt 4.500 tot 10.000 euro voor 4 tot 20 kWh. De ANWB komt uit op ongeveer 750 euro per kWh, inclusief omvormer en installatie.
Opgegeven capaciteit is niet wat je eruit haalt
De prijs per kWh in de tabel is gebaseerd op de capaciteit die de fabrikant opgeeft. In de praktijk haal je minder stroom uit de batterij. Een deel gaat verloren als warmte bij het laden en ontladen.
Uit cijfers van de Consumentenbond blijkt dat je van een opgegeven bruikbare capaciteit 85 tot 90 procent overhoudt. Bij een nominale capaciteit is dat 75 tot 85 procent. Van een batterij van 5 kWh blijft dus 3,75 tot 4,5 kWh per laadbeurt over.
Fabrikanten geven zelf uiteenlopende cijfers, van gemiddeld 70 tot 85 procent bij het ene merk tot maximaal 93 procent bij het andere. Een onafhankelijke test van thuisbatterijen met stekker rekent daarom met de prijs per werkelijk bruikbare kWh.
Wat is één opgeslagen kWh waard na 2027?
Een rekenvoorbeeld met ronde getallen. Dit zijn aannames, geen voorspelling: stroom van het net kost 28 cent per kWh en je leverancier betaalt per saldo 5 cent per kWh voor teruggeleverde stroom.
- Je slaat 5 kWh zonnestroom op. Die stroom had je anders teruggeleverd voor 5 x 5 cent = 25 cent.
- Door het verlies haal je er 4,25 kWh uit. Die stroom hoef je niet te kopen: 4,25 x 28 cent = 1,19 euro.
- Het voordeel van één volle laadbeurt is dus 1,19 euro min 25 cent = 94 cent.
De vergoeding voor terugleveren is geen vast bedrag. Tot 2030 moet die wettelijk minimaal 50 procent van het kale leveringstarief zijn. Leveranciers mogen daarnaast terugleverkosten rekenen. Hoe lager je netto vergoeding, hoe meer een opgeslagen kWh waard is.
Het getal dat de uitkomst bepaalt: aantal volle laadbeurten
Een batterij levert alleen geld op als hij overdag vol raakt en daarna ook leeg raakt. Dat lukt niet elke dag. Milieu Centraal rekent voor dat 10 zonnepanelen op een gemiddelde dag in juni 15 kWh opwekken en op een gemiddelde dag in december 2,5 kWh. In de winter raakt een batterij van 6 kWh dus niet vol.

In de zomer speelt het omgekeerde. De batterij is snel vol, maar het verbruik in de avond en nacht is dan laag. Wat er ’s nachts niet uit gaat, kan er de volgende dag niet bij. Kies daarom een batterij die past bij je avond- en nachtverbruik. Dat meet je met een P1-meter op de slimme meter.
Wat dit betekent voor een batterij van 5 kWh, met de aannames hierboven:
| Volle laadbeurten per jaar | Stroom uit de batterij | Voordeel per jaar | Maximale prijs bij 10 jaar terugverdienen |
|---|---|---|---|
| 150 | 638 kWh | € 141 | € 1.410 (€ 282 per kWh) |
| 200 | 850 kWh | € 188 | € 1.880 (€ 376 per kWh) |
| 250 | 1.063 kWh | € 235 | € 2.350 (€ 470 per kWh) |
De laatste kolom is een bruikbare vuistregel. De garantie verschilt per merk, van 2 jaar fabrieksgarantie tot 10 jaar. Een batterij die per kWh meer kost dan het bedrag in die kolom, verdien je met alleen eigen zonnestroom niet binnen 10 jaar terug.
Drie voorbeelden
Voorbeeld 1: rijtjeshuis met 10 panelen en een stekkerbatterij van 5 kWh
Het huishouden wekt 3.500 kWh per jaar op en verbruikt ongeveer evenveel. De batterij kost 1.225 euro en haalt 200 volle laadbeurten per jaar. Het voordeel is ongeveer 190 euro per jaar. De terugverdientijd is dan ruim 6 jaar.
Haalt de batterij 150 laadbeurten, dan wordt dat bijna 9 jaar. Het verschil tussen 150 en 200 laadbeurten is dus ruim 2 jaar terugverdientijd.
Voorbeeld 2: hetzelfde huis met een vast systeem van 5 kWh
Het systeem kost 3.550 euro, zonder installatie. Het voordeel per jaar is hetzelfde: ongeveer 190 euro. De terugverdientijd is dan bijna 19 jaar. Dat is langer dan de garantie.
Een vast systeem kan wel dingen die een stekkerbatterij niet kan. Het levert meer vermogen, soms noodstroom, en kan meedoen aan handel op de energiemarkt. Consumentenorganisaties verwachten wel dat energiehandel als verdienmodel tijdelijk is.
Voorbeeld 3: een tweede blok van 5 kWh erbij
Stel dat het huishouden in de avond en nacht 4 tot 5 kWh verbruikt. De eerste 5 kWh opslag dekt dat verbruik. Een tweede blok raakt alleen leeg op dagen met veel verbruik. Bij 80 extra laadbeurten per jaar levert het tweede blok ongeveer 75 euro per jaar op, tegen een meerprijs van 1.000 euro of meer.
Groter is dus niet automatisch beter. Een gangbare richtlijn is een capaciteit van 60 tot 80 procent van je dagelijkse verbruik, of 1 tot 1,5 kWh per kWp aan zonnepanelen.
Goedkoop laden in de nacht: reken met de hele prijs
Met een dynamisch contract kun je de batterij ook laden met goedkope stroom van het net. Daarbij telt niet alleen de marktprijs. Over elke kWh betaal je ook energiebelasting. Die is in 2026 volgens de Rijksoverheid 11,1 cent per kWh, inclusief btw. Daar komt de opslag van je leverancier nog bij.
Een marktprijs van 0 cent betekent dus nog steeds ruim 11 cent per kWh op je rekening. Na 2027 krijg je die belasting niet meer terug via saldering.
Ook hier telt het verlies mee. Laad je voor 20 cent per kWh en gebruik je de stroom als die 30 cent kost, dan is het voordeel geen 10 cent. Je hebt 1,18 kWh nodig om er 1 kWh uit te halen. Het voordeel is 30 min 23,5 cent = 6,5 cent per kWh. De dure uren moeten dus ruim 15 procent duurder zijn dan de goedkope uren voordat laden van het net iets oplevert. De actuele prijzen per uur, inclusief belastingen, staan op de pagina stroomprijs per uur.
Kosten die vaak ontbreken in de rekensom

- Installatie. Bij een vast systeem zijn vaak aanpassingen in de meterkast nodig. Die kosten enkele tientjes tot enkele honderden euro’s.
- Een aparte groep voor een stekkerbatterij. Er is brandrisico als een stekkerbatterij op een groep met andere zware apparaten zit. Installateurs sluiten batterijen volgens de norm NEN 1010 aan op een eigen groep.
- Beperkt vermogen. Een stekkerbatterij mag op een gedeelde groep maximaal 800 watt leveren. Verbruik je op dat moment meer, dan komt de rest van het net.
- Verzekering. Het Verbond van Verzekeraars meldt dat een thuisbatterij vaak onder de woonverzekering valt, maar dat de voorwaarden per verzekeraar verschillen. De meeste verzekeraars willen dat je de plaatsing meldt.
- Btw. Je betaalt 21 procent btw. Terugvragen kan volgens de Belastingdienst alleen onder voorwaarden en betekent dat je elk kwartaal btw-aangifte doet. De Tweede Kamer heeft gevraagd om onderzoek naar een btw-nultarief.
- Registratie. Je bent verplicht de batterij aan te melden via energieleveren.nl.
- Levensduur. Een thuisbatterij gaat 5 tot 20 jaar mee, afhankelijk van kwaliteit en aansturing. Na de terugverdientijd moet de batterij dus nog een aantal jaren werken om winst op te leveren.
Wat zeggen andere bronnen?
De onafhankelijke organisaties zijn terughoudend. Milieu Centraal schrijft dat je een thuisbatterij op dit moment hoogstwaarschijnlijk niet terugverdient met de besparing op je stroomrekening. De organisatie noemt isolatie, een warmtepomp en slim laden van een elektrische auto als keuzes met meer zekerheid. Vereniging Eigen Huis testte batterijen een jaar lang met 13 leden en ziet een reële kans dat terugverdienen binnen de levensduur niet lukt.
Fabrikanten rekenen gunstiger. HomeWizard gaat uit van 800 kWh verplaatste stroom per jaar voor een batterij van 2,7 kWh en een terugverdientijd van 4 jaar. Dat komt neer op ongeveer 300 volle laadbeurten per jaar. Het verschil met de voorzichtige scenario’s in dit artikel zit bijna volledig in dat ene getal.
De adviezen van de consumentenorganisaties gaan vooral over vaste systemen van enkele duizenden euro’s. De goedkoopste stekkerbatterijen zitten met 210 tot 240 euro per kWh onder de grens uit de tabel hierboven. Daar staat het brandrisico tegenover als je geen aparte groep laat aanleggen.
Zo reken je het voor je eigen huis uit
- Meet een paar weken je verbruik tussen zonsondergang en zonsopkomst met een P1-meter. Dat is de capaciteit die je maximaal nodig hebt.
- Deel de prijs van de batterij door de bruikbare capaciteit. Vergelijk dat bedrag met de tabel met laadbeurten.
- Reken met 150 tot 250 volle laadbeurten per jaar, niet met 365.
- Tel installatie en een eventuele aparte groep mee.
- Vul je eigen cijfers in bij de rekentool voor de terugverdientijd van een thuisbatterij.
Meer batterijen, minder animo
Het aantal thuisbatterijen groeit snel. Netbeheerders telden in juli 2026 bijna 64.000 aangemelde batterijen, bijna vier keer zoveel als een jaar eerder. Tegelijk daalde de interesse om er een aan te schaffen onder huishoudens met zonnepanelen.
De rekensom blijft de komende jaren veranderen. De prijzen van batterijen dalen. De minimale terugleververgoeding geldt tot 2030. En de ACM beslist over een nettarief dat afhangt van het tijdstip, waardoor stroom in de avond duurder kan worden. Nog onbekend is hoe groot dat effect wordt voor huishoudens met een batterij.


